Vliegvis rss feed Rss

De techniek van het vliegvissen

In tegenstelling tot de traditionele manieren van vissen, waarbij het aas door gewichten en lures wordt geworpen, wordt bij vliegvissen de vlieg geworpen door de lijn ritmisch van voor naar achteren door de lucht te bewegen. Van belang hierbij is dat de lijn zwaar genoeg is om te werpen.

Het nadeel van een zware lijn, is dat de vis de lijn ook opmerkt. Om deze reden wordt vaak een zware lijn gebruikt in combinatie met een lichte onderlijn.

Speciale hengels voor het vliegvissen

Om de lijn goed te kunnen bewegen, wordt gebruik gemaakt van langere en lichtere hengels dan bij andere takken van de vissport. De lengte van de hengel wordt daarbij aangepast aan de locatie waar men vist. Bij het vissen in kleinere rivieren en beken worden hengels gebruikt van rond de 2 a 3 meter lang. Vissen in grotere wateren, zoals rivieren, plassen en de zee, waarbij het van belang is ver te werpen, worden hengels gebruikt van wel 5 meter lang.

Beweging

Bij het werpen van de lijn wordt eerst naar achter bewogen en daarna naar voren gezwaaid. De truc is om hierbij zoveel mogelijk energie in de tip van de hengel te krijgen. Vanuit de pols wordt vervolgens de lijn zo ver mogelijk geworpen. Deze beweging kan enkele malen herhaald worden, waarbij de lijn en het aas in de lucht wordt gehouden. Het is daardoor mogelijk om de lijn verder te werpen en eventueel de vlieg te drogen.

Beweging van het aas

Eenmaal op het water zal de vlieg blijven drijven of zinken. Door de lijn binnen te halen wordt de vlieg op of in het water bewogen. Het binnenhalen van de lijn is het meest lastige onderdeel van het vliegvissen, omdat hierbij de natuurlijke beweging van het aas geimiteerd moet worden.